Emigreren als kind

img_2897

Tot mijn 8e heb ik in Italië (Sardinië) gewoond, in 1996
verhuisden wij en was dit best wel even een omschakeling. In mijn blog van vandaag probeer ik te beschrijven wat voor indruk dit op mij heeft gehad als kind.
Voor ons huis staat een vrachtwagen, deze zie ik vanuit het raam staan. Ik draai me om en in de woonkamer is familie druk bezig met dozen vol te gooien. Of deden ze dit met geduld en is dit enkel hoe ik het mij herinner? Chaos, haast..


Ik hoor de koffers rollen over de vloer met noppen patroon, mensen die druk zoeken naar hun vlucht op de schermen, zo ook wij. Ik loop achter mijn ouders aan en als we bij de controle komen zeggen we gedag. Mijn oom drukt een plakboek van Sailor Moon in mijn tas en zegt ons dan gedag. Wie er nog meer waren weet ik eigenlijk niet meer maar dit moment staat me nog goed bij.


En dan is het tijd om te gaan, niet op vakantie en dan weer over een paar weken terug gaan naar huis nee deze keer is Nederland geen vakantie maar gaat het ons thuisland worden.
Dit drong toen waarschijnlijk helemaal niet door, maar ja wat wil je ik was 8.

De begin periode van toen
we in Nederland woonden weet ik eigenlijk niet eens zo goed meer, wat ik wel weet is dat ik een onwijs accent had en dat ik mij moeilijk kon uitdrukken. Mijn eerste vriendinnetje in Nederland was Mireille en woonde tegenover mij, en man man wat heb ik vaak heen
en weer moeten lopen naar huis om me moeder te vragen hoe je dat ene woord in het Nederlands zei. Ik probeerde het soms nog met ‘toneelstukjes’ uit te leggen
wat vast voor komische situaties zorgde maar vermoeiend was het na een tijdje wel kan ik je zeggen. Wat een rot taal dat Nederlands, om nog maar niet te beginnen over het lezen en het schrijven.
Ik zit in groep 4 en we hebben dictee. ‘Kabouter’, ik begin te schrijven k-a-b-a-u-t-e-r. Meerdere woorden volgen en aan het einde gaan we nakijken. Ik heb het woord verkeerd geschreven. ‘Waarom?’ vraag ik. ‘Ja je schrijft dat nu eenmaal zo.’ Maar je hoort toch kabAUter en niet kaboter? Ik
snapte er maar weinig van, in het Italiaans is het namelijk zo dat bijna alles is geschreven zoals je het hoort. Maar hey de juffrouw zei dat je het zo scheef dus het zal wel dacht ik bij mezelf. Lezen was ook een uitdaging en ik had een tutor hiervoor. Om de haverklap moest ik haar stoppen om te vragen wat de woorden betekenden, wat een geduld heeft zij met mij gehad zeg. Ik werd al gek van mezelf laat staan voor een ander die steeds onderbroken werd.
Als eerst buitenlands kind in de klas ben je natuurlijk een kermisattractie en al helemaal in een klein dorp waar (in die tijd) maar weinig tot geen buitenlanders zijn. Naar mijn gevoel werd ik gebombardeerd met vragen;’Als je denkt doe je dat dan in het Nederlands of in het Italiaans?’ ‘En dromen? Doe je dat in het Nederlands of in het Italiaans?’ ‘Eten jullie iedere dag pizza?’ (like seriously?) ‘Spreek je Italiaans? Zeg eens wat.’ ‘Wat moet ik zeggen dan?’ ‘Ja iets..’ Euh OK? Wat een onwijs ongemakkelijk gevoel was dat zeg. Natuurlijk snap ik nu dat het hartstikke interessant is als kind zijnde wanneer iemand een andere taal spreekt maar op dat moment vond ik er geen bal aan en wilde ik gewoon bij de groep horen.
12:15 De schoolbel gaat en mijn moeder staat mij en mijn zusje op te wachten op het schoolplein. Zo de dag zit erop denk ik. ‘We gaan even een broodje eten en dan moeten we straks weer terug. ‘Terug? Naar school
bedoel je?’ Ja om 13:15 begint de school weer. ‘Huh? Maar we gaan nu toch naar huis?’ (Kanttekening: de basisschool in Italië kent dagen tot 13:30). Iets wat verward stap ik in de auto.
Er gingen wat weken voorbij en ik begon iets wat beter mee
te komen, maar ik voelde me nog steeds niet volledig op mijn gemak. Iemand die mij echt op sleeptouw nam was mijn vriendin Monique, in het begin moest ik niks van haar hebben en vond ik het bijna irritant hoe ze steeds achter me aan liep, maar volhouder dat ze was bleef ze dit doen en tadaa een vriendschap was
geboren. Ik weet nog wel de eerste keer dat ze vroeg of ik bij haar tussen de middag kwam eten. ‘Oh is dat normaal hier in Nederland?’ Veel tijd om na te denken had ik niet want in haar enthousiasme sleurde ze me letterlijk mee naar mijn moeder ‘Mag Kelly bij ons eten?’ ‘Mag dat van je moeder?’ ‘Ja hoor, dat mag, kom Kel we gaan, doeii’ en voor ik het wist zaten we op de fiets onderweg
naar haar huis. Vanaf dat moment waren we eigelijk onafscheidelijk, later
werden we een hecht groepje samen met Patty, de (tweeling) zus van Monique. En dat is al die tijd zo gebleven, we zijn nog steeds vriendinnen.
Natuurlijk zou ik het allemaal veel uitgebreider kunnen vertellen, maar dan zou het iets wat te langdradig worden. Wat ik wel kan zeggen is, dat het zeker geen makkie is geweest, ik heb veel momenten gehad waarbij ik echt overdonderd werd; volledig nieuwe omgeving, nieuwe mensen die je als ‘anders’ zien en alles van
je willen weten, andere cultuur en mentaliteit. Ik heb veel frustratie en
irritatie gekend omdat ik in het begin dus niet goed uit mijn woorden kwam en mij niet kon uiten, woede en verdriet omdat ik niet meer in mijn veilige omgeving was die ik zo goed kende met mijn familie. Dit kan mij soms nog steeds wel raken, het feit dat ik mijn familie niet ‘per ongeluk’ in de supermarkt kan tegenkomen of ze kan uitnodigen voor een verjaardag of andere feestdag.

Maar het is goed zo. Ik ben blij en tevreden met mijn leven hier en wanneer ik op bezoek ga bij mijn familie in Italie is het alsof de tijd even stil heeft gestaan en het allemaal als van ouds is.

You may also like

1 reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge